Batavia, 26-6-'46

We zijn vorige week donderdag in Tandjong Priok aan land gegaan, een half uur nadat de boot aangelegd had.

debarkatie2.jpg

Debarkatie te Tandjong Priok

Op de kade stonden al cantine-en transportwagens te wachten. Zodra we van boord af waren liep je langs een cantinewagen waar je een koek en een blikje bier kreeg en toen op de wagens die ons naar een transit-camp in de buurt van Priok brachten waar we twee dagen gelegen hebben. 's Morgens om 10 uur waren we in het kamp, dat vlak naast een kampong ligt. Het kamp was tamelijk primitief ingericht, de hutten waren van bamboe, maar met een houten vloer die plusminus 30 cm boven de grond lag.

Hier kregen we echter al snel een rotmededeling te horen, namelijk dat ons hele bataljon uit elkaar gaat en als aanvulling voor andere onderdelen gebruikt gaat worden. Toch is daar ook een goede kant aan, want je komt nu bij troepen, die al heel wat ervaring in de tropen opgedaan hebben. De eerste groep is al vertrokken naar Bandoeng. 't Zal me benieuwen, waar ik nu terecht zal komen. Maassluizers heb ik nog niet gezien, wel heb ik gehoord dat Jan Bruning op Celebes zit.
Ik kan nu ook al aardig Maleis spreken, verstaan is echter moeilijker, maar dat zal ook wel gauw gaan.
Dat je hier toch altijd nog enigszins uit moet kijken wordt zojuist weer bewezen doordat er 2 pemoeda's en gisteren ook 3 gegrepen werden. (Pemoeda's: vrijheidsstrijders)

pemoeda.jpg
Zij zitten nu vooraan in het kamp, aan de vlaggestok vastgebonden. Toch is het hier over het algemeen veilig en overdag loop je dan ook ongewapend. De toestand is me hier hard meegevallen, ook al waait in Batavia op het postkantoor, het paleis van Sharir en op het station de rood-witte vlag.

vlagindonesia.jpgVlag van de Republiek Indonesia

stationbatavia.jpg
Station te Batavia

motor.jpg

 
Klender, Java, 5-7-‘46

Gisteren werden we verder ingedeeld en kwam ik eindelijk terecht waar ik al die tijd moeite voor gedaan heb, namelijk bij de verbindingsdienst voor opleiding tot telegrafist. Geluk gehad dus.

telegrafist.jpg
In het begin vond ik het beroerd dat ons bataljon uit elkaar ging, want ik zit nu als enige van onze compagnie hier bij de verbindingsdienst, maar achteraf bekeken ben ik blij toe, want die Veluwenaren (hun bijnaam hier is bloedduivels) zijn reuze toffe jongens, die veel voor elkaar over hebben en ons van alles op de hoogte stellen en overal mee helpen.
Zij zijn ook al verschillende keren in actie geweest o.a. ook bij en in het beruchte Bekassi, waar wij nu vlakbij zitten.
Ik draag nu ook op m’n mouw het teken van de Veluwe, nl, een blauw patje met een witte kip en daarboven het woord VELUWE. Ik voel me al een hele Veluwenaar, dat begrijp je. Er zitten hier ook heel wat Barnevelders.

liedvandeweek.jpg
Misschien heb je in Holland wel gehoord of gelezen dat Sharir ontvoerd is geweest. Dat is gedaan door een stel jongens, maar de pret duurde maar een dag, toen kwam mijnheer hier weer per vliegtuig terug.

sjahrir.jpgSharir

Uit "De Haantjes in vogelvlucht" van Gerben Visser:

"Tangerang
De rust en veiligheid in Klender, Krandji, Oedjong, Menteng en in de hele Oostsector is hersteld. De dagelijkse zware patrouilles van de Haantjes hebben hun vruchten afgeworpen. De blanda's (Nederlanders) hebben bewezen dat ze het vertrouwen van de hongerende bevolking waard zijn en dus keert men terug naar huis en dagelijkse arbeid.
Half juli komt er alarm uit Batavia: "De Brits-Indiërs hebben Tangerang verlaten zonder ons in te lichten. Extremisten hebben daar gebruik van gemaakt. Ze steken de stad in brand en vermoorden de Chinezen.
Neem zo snel mogelijk maatregelen om het gehele bataljon 1-8 RI naar Tangerang te verhuizen, voordat het te laat is. Voor aflossing wordt gezorgd. Einde bericht."

langemannen.jpg
Tangerang, Java
15-7-‘46

Zoals je hierboven ziet zijn we nu voor de vijfde keer binnen vier weken verhuisd en zitten we nu in Tangerang, ongeveer 30 km van Batavia af, het binnenland in. Gistermorgen zijn we om 10 uur uit Klender vertrokken met een colonne van over de honderd auto’s en tanks en kwamen hier om 1 uur aan. De weg van Batavia af hier naartoe is ontzettend slecht, vol met gaten en kuilen zodat we blij waren toen we hier aankwamen. Wij zijn hier zo goed als de eerste Hollandse troepen, zodat we nog heel wat werk opgeknapt moeten zien te krijgen.

jeep.jpg
Voor wij hier kwamen zaten hier Ghurka’s uit Malakka. Een afdeling daarvan is hier gebleven tot vanmorgen en ik heb nog met verschillende van hen gesproken en er zijn reuze fijne kerels bij.

ghurka.jpgGhurka (Brits-Indisch soldaat)

kampong.jpg
De hongerende, zieke bevolking in de kampongs

De omgeving waar alles zich in de brieven tot juli 1946 afspeelde op de kaart:
omgevingbatavia.jpg


Holder-de-bolder
nog tijdschriften op zolder?

De Voorlichtingsdienst ontving 27 postzakken met verouderde tijdschriften, die voorzien waren van het stempel van het Nederlandsche Rode Kruis. Deze machtige stroom oud papier was wel een tastbaar bewijs dat niet alle Nederlanders zich tijdens de oorlogsjaren aan de voorschriften van de Luchtbeschermingsdienst hebben gehouden en pas na de bevrijding hun zolder van waardeloze rommel zuiverden.
Onder het motto: "Voor onze jongens in Indië" heeft men het L.O.P. wel een heel onverdiende concurrentie aangedaan.
Hieronder volgt een greep uit de periodieken die onmogelijk gedistribueerd konden worden:

leesplank.jpg
Leesboekje voor het Lager Onderwijs (Aap-Noot-Mies-Zus-Jet...), met aanvullende lectuur voor onze kleuters en aardige patroontjes voor figuurzagen.
Muziekboeken, belastinggidsen en telefoonboeken
Radiogidsen uit de vooroorlogse tijd van de AVRO en de NCRV
Bladen als:
"Wij jonge vrouwen"
"Libelle"
"De jonge vrouw"
"Moeder"
"De Huishouding"
"Woman and House"
Ook heel interessant waren de maandschriften voor Verloskunde. We wachten alleen nog op een speciale mariniers-editie.
En als klap op de vuurpijl: "VORMING", maandblad van de NSB voorzien van het stempel van het NRK en een serie boekjes over Sibbekunde in vlotte Mussertiaanse stijl.
Het overige is bij de onderdelen afgeleverd, nadat wij ons kantoor van pantserplaten hadden voorzien.

Uit: Ik zal handhaven, weekblad van de eerste Mariniersbrigade in Indië.

tangerangnov46.jpgTangerang, in de Hoofdstraat-november 1946

Tangerang, Java

4-8-'46

Van de week hebben we het nogal druk gehad en ik ben nu ook een keer in actie geweest, alhoewel het niet van veel belang was. 's Morgens gingen we op stap met de wagen, aangezien de telefoonverbinding met een andere compagnie 20 kilometer verderop verbroken was. Halverwege, waar een peloton van 35 man in een tentenkamp ligt, stopten we. Alles stond daar net klaar om uit te rukken en in het midden ontdekte ik een oude opgewonden, zenuwachtige Chinees die vertelde, dat zijn dochtertje van zijn wagentje afgeschoten was zo'n 2 kilometer verderop.
Enfin, wij zijn toen ook meegegaan en een kilometer verder kwamen wij in stelling. Een honderd meter verderop zaten een paar zware mortieren van ons, die al gauw begonnen te vuren op grote afstand. Telkens als er zo'n granaat insloeg, zag je die zwarten opspringen en lopen, zoals ik nog nooit iemand heb zien lopen.
Een half uur later zijn we weer naar voren gegaan en eindelijk waren we geheel vooraan en ontdekten toen midden op de weg een bloedplas van dat kind, maar verder was er niets meer te zien. We hebben de hele omgeving afgezocht, maar het kind was nergens meer te vinden. Daar in de buurt waren ook de lijnen kapotgemaakt, die ze dwars over de weg gespannen hadden. Enfin, dat was gauw weer verholpen en een half uurtje later was de verbinding weer klaar.

actie.jpg

Verleden week ben ik meegeweest naar Tjililitan, waar een oud kameraad van me uit VII-3-R.I., die hier gesneuveld is, begraven werd met militaire eer. Ik kende die jongen nogal goed, aangezien hij in Naaldwijk woonde en we altijd gelijk met verlof gingen.

begrafenis.jpg
Van de Malino conferentie heb ik hier natuurlijk ook heel wat gehoord, maar ze lullen er veel te veel, volgens de meeste Hollanders in Indië.*
Verder is hier alles OK, alleen de laatste tijd een beetje last van dysenterie, maar daar kom je wel weer overheen.


*De Malino Conferentie: in juli 1946 deden de Nederlanders op de Conferentie van Malino het voorstel om Indonesië, met uitzondering van republikeins gebied op Java en Sumatra, in deelstaten op te delen. Voor veel niet-Javaanse nationalisten was dit geen slecht alternatief voor Soekarno's republiek. Na de conferentie kon gouverneur-generaal Van Mook vanuit een sterkere positie aan de verdere onderhandelingen met de republikeinen beginnen.

vanderhoest.jpgOktober 1946- Gert van der Hoest-Serpong-Java

Serpong, 29-8-‘46

Zoals je ziet ben ik van Tangerang verhuisd naar Serpong, waar ik nu met 3 man + 2 sets gedetacheerd ben bij de de 2-de compagnie. Serpong ligt zo’n 20 kilometer ten zuiden van Tangerang en dit is dan ook de voorste post. Maandagmiddag zijn we hier aangekomen en dinsdagmorgen vroeg om 5 uur zijn we meegegaan met een patrouille, die om 2 uur afgelopen was. Daarna hebben we niets meer gedaan hier en ik denk ook wel dat het voor deze week weer afgelopen is. We hebben het de laatste 3 weken anders wel druk gehad hoor, dag in dag uit zijn we toen in actie geweest.
De omgeving is geheel gezuiverd, een goede duizend man TRI heeft hier zijn einde gevonden tegen 4 doden van ons en een stuk of wat gewonden. Verder hebben we 250 Chinezen bevrijd, een stuk of 10 geweren, 1 lichte mitrailleur , bergen munitie van allerlei soort en ontzettend veel slagwapens buitgemaakt. Onder de gesneuvelden bevonden zich heel wat Jappen.
De radioverbinding is gedurende alle acties prima geweest en heeft zonder gein veel eigen mensenlevens gespaard. Zo lagen we bijvoorbeeld verleden week dinsdag onder eigen mortiervuur en niets is er zo rot als onder eigen vuur te liggen, je voelt je dan door iedereen verlaten. Toch heb ik direct daarvan bericht doorgegeven en ogenblikkelijk werd het vuren dan ook gestaakt. Was de radio er echter niet bij geweest dan had je grote kans gehad, dat het hele zaakje in de soep gejaagd was. Maar ja, we hebben nu eenmaal met trouwens bijna alle acties ontzettend veel geluk gehad en dat moet je hebben. Als je er goed over nadenkt, kun je er met je pet niet bij, dat we maar zo weinig verliezen geleden hebben. ’t Is te hopen dat die Commissie-Generaal gauw samengesteld is, en ik denk wel dat er hier dan gauw iets anders zal gaan gebeuren.

Sharir zal dan wel president worden van de republiek, maar daar boven staat dan toch weer een Hollander en ik vermoed, dat wij daar niet op achteruit zullen gaan. Dan het hele zootje van Jappen en terroristen opruimen en ik denk dat we over een jaar al een heel stuk verder zijn.
Ik begin Van Mook nu ook in een beetje ander licht te zien, en ik vermoed, dat het een verdomd lepe gozer is. Als de eerste divisie hier dan een poosje aan land is, zal het er wel gauw op los gaan van West naar Oost en en van Noord naar Zuid.
Generaal Spoor is weer hier terug, maar ik geloof dat hij zich meer bezighoudt met diplomatie dan met het leger. Zoals je misschien al weet (het is hier tenminste een publiek geheim) loopt de opperbevelhebber van de TRI rustig in Batavia rond en zit nogal veel met Spoor te smoezen. Ik ben werkelijk benieuwd naar de ontknoping van het Indonesische drama.

spoor.jpgGeneraal Spoor

Een krantenknipseltje waarin de acties die ook in de brief werden genoemd beschreven zijn:
" IN EN OM BATAVIA
Onze troepen zuiverden 21 augustus kampong Tjilongok in het gebied ten Westen van Tangerang en op 22 augustus Klapadoea en Tjibogo, terwijl wederom de kampong Sepatan werd doorzocht, waarbij een kist geweermunite werd buitgemaakt.
Bij deze acties en door een patrouille naar kampong Bangboe werden 250 Chinezen op hun verzoek naar door de Nederlandsche troepen beveiligd gebied geëvacueerd.
Tijdens den patrouillegang in het gebied rondom Batavia werden rampokkers gearresteerd en slagwapens in beslag genomen.
22 Augustus werd door onze troepen steun verleend bij een door Britsche troepen ten Noord-Westen van Buitenzorg uitgevoerde zuiveringsactie. Een groep gewapende terroristen werd uiteengeslagen."

kampong2.jpgDe kampong

“Serpong, 5-9-‘46

Van de week ben ik anderhalve dag naar Batavia met verlof geweest, ik heb me er gruwelijk lopen vervelen en ergeren aan alles en nog wat en was wat blij dat ik eindelijk weer terug kon, want hier, zo’n beetje in de rimboe voel ik me nog het beste thuis en ik heb het hier dan ook best naar de zin. De omgeving hier is prachtig en ik verwonder me dan ook iedere keer weer als we op patrouille zijn, dat er nog zulke mooie plekjes op de wereld zijn, want het is hier verdomd mooi.

We doen hier ook allerlei werk, ook allerlei pioniers- en geniewerk, zoals bruggen bouwen, wegen herstellen enz. enz.

brug.jpg
Er stond hier een stuk in de krant gisteren van de aankomst van onze gewonde jongens in Nederland, die, toen ze van boord afgedragen werden, uitgescholden werden voor moordenaars en plunderaars en met stenen achterna gegooid werden. Heb je daar iets van gehoord? Als het waar is kan ik me niet voorstellen dat de regering daar niets aan doet, of is de nieuwe regering ook al zo slap? Als ze werkelijk zo slap zijn kun je nog wat beleven als al die bataljons terugkeren in Holland. Ik denk wel dat er dan even hevig geknokt zal worden. Hoe staat het met de Commissie op het ogenblik?

jansoldaat.jpg
Vanmiddag is mevrouw Spoor, de echtgenote van de generaal hier nog geweest.

Op de site "Veteranen online" vond ik wat meer informatie over de rol van mevrouw Spoor:

Uit:
WAPENBROEDERS 17 maart 1949

Mevr. Spoor bericht naar huis.

Het telegram

In geval van ernstige ziekte of levensgevaarlijke verwonding zendt de M.G.D. direct een telegram naar de burgemeester van Uw woonplaats en deze op zijn beurt zorgt, dat ze thuis bericht over U krijgen. Dit telegram geeft de toestand weer, waarin de doktoren U bevonden, toen ge in het hospitaal werd binnengebracht en nadat zij U als levensgevaarlijk of ernstig ziek hebben gekwalificeerd.
Laten we even aannemen, dat U levensgevaarlijk ziek bent, het telegram aan de burgermeester luidt dus eveneens: Levensgevaarlijk ziek.
In deze toestand kunt U zelf natuurlijk geen aanvullend bericht naar huis sturen, dus Uw ouders hebben alleen de beschikking over het telegram van de M.G. D. Bovendien nemen we aan dat, om welke reden dan ook, niemand uit Uw omgeving snel zorgt, dat ze thuis nadere bijzonderheden vernemen.

Dodelijk ongerust

Wanneer nu Uw toestand drie weken levensgevaarlijk blijft en daarna de verbetering intreedt, wordt U op dat moment van de Levensgevaarlijke Ziekenlijst overgeschreven op de Ernstige Zieken-lijst. Weer gaat er een telegram over Uw toestand naar huis, het tweede officiële bericht ,dat ze thuis, In dit geval, drie weken na het eerste over U zouden ontvangen.
En zodra U van de E.Z.-lijst wordt afgevoerd, b.v. na twee weken, krijgen ze thuis weer bericht. Het zou kunnen zijn, dat U dan pas in staat bent om zelf nadere Inlichtingen naar huis te schrijven. Het is dus mogelijk, dat Uw ouders pas na vijf weken eindelijk precies weten, wat er met U gebeurd is. U kunt zich voorstellen wat ze thuis al die tijd zouden moeten doormaken, indien niet de echtgenote van de Legercommandant, Mevrouw Spoor, sedert de eerste Politionele Actie toen alle postverbindingen met Nederland verbroken waren, het initiatief had genomen om in deze lacune van berichtgeving te voorzien.

Regelmatig bericht

Anders gezegd, Mevrouw Spoor zorgt er persoonlijk voor, dat ze bij U thuis, niet zoals in bovenstaand geval vijf weken dodelijk ongerust behoeven te zijn, maar dat ze één a tweemaal per week van Uw toestand op de hoogte gebracht worden en dit net zo lang, totdat U van de E.Z.-lijst bent afgevoerd, en dus in ieder geval kwiek genoeg bent om zelf te schrijven.
De meesten van U hebben natuurlijk, òf zelf profijt gehad van het werk van Mevrouw Spoor, òf er wel eens van gehoord. Nochtans blijkt ons, dat er toch nog zijn, die hiervan niets afweten en zich dus zorgen kunnen maken of ze thuis wel voldoende Ingelicht zullen worden Indien hun Iets zou overkomen. Hoe doet Mevrouw Spoor dit nu, zult U wellicht afvragen.


Het systeem

Wel, iedere dag krijgt zij Inzage va de L.Z.- en E.Z.-lijsten van de zijde van de M. G. D. en op een gegeven moment leest zij op de L.Z.-lijst Uw naam.
Indien U in Batavia opgenomen bent komt Mevrouw Spoor zich vermoedelijk persoonlijk van Uw toestand op de hoogte stellen, wanneer U elders ligt verzoekt zij één harer medewerkster of de dokter uit die plaats om haar over Uw toestand in te lichten Zodra nu Mevrouw Spoor nadere gegevens over U ontvangen heeft, zendt zij Uw ouders bericht, hetzij In haar radio uitzendingen, hetzij per telegram, hetzij per brief. Dit hangt natuurlijk van de omstandigheden af. Indien enigszins mogelijk, stuurt zij bericht per radio, want al sprekende kun je vaak wat meer vertellen. Tweemaal per week, Dinsdag en Vrijdagavond te 24.00 uur spreekt zij twintig á vijfentwintig minuten voor de microfoon In de uitzending naar Nederland. Een herhaling hiervan vindt de volgende ochtend tussen 6 en 7 uur plaats. In het Strijdkrachten Programma. Ook kunt U er van verzekerd zijn dat Uw toestand weergegeven wordt zoals die op het moment van de uitzending is, omdat even te voren de gegeven over U nogmaals op hun juistheid worden getoetst.


Dank zij Mevrouw Spoor

Ge ziet wel, dat het onmogelijk is, dat Uw geval niet onder de aandacht va Mevrouw Spoor zou komen, want onherroepelijk komt Uw naam in voorkomen geval op de L.Z.- of E.Z.-lijsten voor, die haar voorgelegd worden. In één week gaan ongeveer 50 á 60 berichten over de radio en gaan 55 á 60 brieven en 60 á 70 telegrammen uit en indien U even nadenkt, dan zult U zien, dat deze cijfers overeen moeten komen met het aantal levensgevaarlijke en ernstige zieken, die in één week in het Leger kunnen voor komen.
Het is daarom te danken aan Mevrouw Spoor, dat, indien U iets ernstigs zou overkomen, zij thuis volledig op de hoogte worden gesteld en ook op de hoogte blijven

mevrouwspoor.jpg

“Tangerang, 12-10-‘46

Gisterenavond hebben we in de cantine een lezing gehad over ons toekomstig werkobject, namelijk Padang en omgeving, van een KNIL-officier, die er enige jaren doorgebracht heeft. Het moet ontzettend mooi zijn daar, wat de omgeving betreft. De stad zelf is echter, volgens hem, niet veel. Enfin, we zullen nu gauw genoeg zelf zien hoe het er daar uitziet. Verder is er enige dagen geleden nog een aalmoezenier geweest die een speech afstak over Holland van nu, waar hij pas geweest is. Er schijnt wel iets veranderd te zijn sinds wij vertrokken, vooral wat de opbouw in de verwoeste gebieden betreft. De algemene opinie over ons is volgens hem ook sterk in ons voordeel veranderd, vooral na het bezoek van generaal Spoor aan Holland en dat van Ds. Koningsberger.*

*J.C. Koningsberger, lt.-kolonel KL, hoofdlegerpredikant

zebu.jpg

Verveling alom, dus...bestudeert soldaat Nieuwland maar eens een zebu van dichtbij

Tangerang, Java, 16-10-‘46

M’n verjaardag hier is deerlijk mislukt door het een en ander. ’s Morgens vroeg kwamen we terug van nachtelijke patrouille en lagen toen gauw te bed. De vreugde duurde echter niet lang, want om half vier werd er alarm geblazen, (naar ik later hoorde was dit slechts een oefening om waakzaam te blijven, aangezien we al in 2 maanden geen nachtalarm meer gehad hebben). Zodoende zaten we tot 6 uur in de stellingen, maar er is geen schot gelost. Toen om 6 uur maar weer naar bed, totdat ik wakker werd en merkte dat het al drie uur in de middag was. Even later kwam er een brief van thuis, waarin ze me vertelden dat ik die dag jarig was, wat ik helemaal vergeten was. Maar enfin, toen maar gaan wassen en wat gaan eten. Om half 5 werd ons de verheugende mededeling gedaan dat we om 5 uur weer op patrouille konden. Ook dat is goed afgelopen en om 8 uur ’s avonds waren we weer thuis. Toen zijn we nog een poosje naar de cantine gegaan, waar wat waterige limonade en zoute pinda’s te koop waren. Proost. Om negen uur lag ik weer onder de klamboe. Volgend jaar beter.

Gisteren is het feit herdacht dat 8 RI een jaar geleden uit Holland vertrok. De waarnemend bataljonscommandant gaf een overzicht over het afgelopen half jaar en herdacht de gesneuvelden van het bataljon, 13 man, waarvan de laatste vier in de omgeving van Tangerang en in Bantam.

vanroekel.jpgW. van Roekel, 1-8 R.I., gesneuveld 27-9-'46


Volgens de krant zouden vandaag de Neurenbergers opgehangen worden. Ik zou Seyssie wel eens willen zien hangen tussen de anderen. Niet dat ik zo wraakzuchtig ben, maar zoiets zie je niet iedere dag.

De voorpagina van Trouw dd 16 oktober 1946

Trouw.jpg
“Tangerang, 4-11-‘46

Wat de zgn. wapenstilstand betreft, ja, wij zijn er niet bijster mee ingenomen. Op het ogenblik gaat het nog goed, maar de TRI mag nu weer tot 2 km buiten ons bivak komen en zodoende zijn we weer een stuk bevrijd gebied kwijt, waar zij nu mooi de gelegenheid krijgen om weer stellingen te gaan bouwen en zich weer in te graven, zodat, als het bevel: “Staakt het vuren” niet komt, we weer net zo ver zijn als toen we hier kwamen.
Over het Koets-reisje* is bij jullie dus ook al alles bekend. In Batavia heeft hij een mooie flater geslagen en z’n naam te grabbel gegooid, hoor. Je moest de stukken, die daaromtrent geschreven zijn, eens kunnen zien.

Koets, dr. Peter John
Geboren te Macon, Georgia (Verenigde Staten), op 3 november 1901. Overleden te Oegstgeest op 12 mei 1995.
Bekende onderscheidingen: VOA
Verzetsster Oost-Azië 1942-1945
Reserve-officier bij het K.N.I.L.

"Snel herstellende van het verblijf in kamp en gevangenis en gedemobiliseerd als militair trad Koets, na een kort verblijf op het departement van Onderwijs, in dienst van de luitenant gouverneur-generaal dr. H.J. van Mook, als directeur van zijn kabinet -- een ambtelijke functie, met een sterk politieke inslag. Het kabinet was in mei 1940 in het leven geroepen, met als taak een algemeen politiek adviesorgaan te zijn voor de landvoogd. Het was in deze functie dat Koets ten nauwste betrokken werd bij de hectische ontwikkeling in het voormalige koloniale gebied. In september 1946 maakte hij als leider van een commissie een reis naar Djokja, waar zij een ontmoeting hadden met Soekarno. Een rapport van deze commissie, dat tot basis zou dienen voor het Linggadjatti-akkoord, was het resultaat. Alle belangrijke besprekingen en onderhandelingen, waarbij Van Mook een rol speelde, maakte Koets mee. Toen Van Mook in 1948 vertrok en dr. L.J.M. Beel hem als Hoge Vertegenwoordiger van de Kroon opvolgde, zou Koets ook zijn eerste politieke adviseur ter plaatse zijn. Toch had hij geaarzeld en aanvankelijk zelfs gedreigd ontslag te zullen nemen als Van Mook, de vertegenwoordiger van de vooruitstrevende Nederlanders in Indië, zou vertrekken, maar op aandrang van zijn chef bleef hij aan. Het optreden van de 'burgerlijke Beel' lag Koets niet zo.12 Hoewel Koets door zijn positie een ondergeschikte rol heeft gespeeld bij de overdracht van Nederlands-Indië, merkte hij in persoonlijke gesprekken en in de vele interviews die hij hierover heeft gegeven op, dat deze jaren toch 'de opwindendste van zijn leven' zijn geweest."

"Men kan hier op twee manieren reizen: per "Spoor" of per "Koets".
Wanneer dit grapje Nederland reeds bereikt mocht hebben, hoef ik niet meer op uw glimlach te rekenen, terwijl het mij anderzijds van de verplichting ontslaat u uit te leggen, dat men hiermee de niet militaire reis naar het binnenland van de roemruchte en veelomstreden commissie Koets tegenover de "militaire expedities" van generaal Spoor stelt."

De weekbladen “Trouw” heb ik nog niet ontvangen. Wel heb ik deze week van Gert een halve jaargang Spiegels ontvangen en van thuis nog een stel kranten, meest van eind augustus en begin september. Wat de lectuur betreft: we krijgen iedere dag per kamer een krant, nl. “Het Dagblad” uit Batavia en af en toe eens per week een “Nieuwsgier”**, dat zijn enige gestencilde blaadjes met wereldnieuws. Verder moet alles uit Holland komen en dat begint de laatste tijd ook aardig door te komen, zodat we wat dat betreft geen klagen hebben. Ik hoop maar dat dat in Padang zo blijft. Gelezen geillustreerde bladen verhuizen dan meestal naar de kantine zodat iedereen ze kan lezen. Nu Leen, verder is er geen nieuws meer, dus ga ik weer stoppen.

De Nieuwsgier was een initiatief van Johannes Ritman, journalist in Nederlands-Indië (Schiedam 30-7- 1893 - 's-Gravenhage 14-3- 1982). Direct na de Japanse capitulatie startte hij, samen met enkele andere in het Tanah Abang-kamp aanwezige journalisten, de uitgave van een kampkrantje, aanvankelijk Tanah Abang Bode , naderhand de Nieuwsgier geheten. Na een aantal jaren als gestencild krantje te zijn verschenen, kon het ten slotte in 1948 als een volwaardig, gedrukt ochtendblad worden voortgezet. Ritman was ook degene die in verbinding trad met de leden van de zogeheten Commissie-Van Poll, die begin 1946 naar Indië kwam om aan een wantrouwig Nederlands parlement voorlichting te verschaffen over de werkelijke gang van zaken in de op drift geraakte kolonie. Het door deze commissie uitgebrachte rapport, dat sterk de mening weergaf van de ontredderde en gedesoriënteerde Nederlandse gemeenschap aldaar, is grotendeels door Ritman opgesteld. Zeker zo belangrijk was dat de luitenant-gouverneur-generaal, H.J. van Mook, tezelfder tijd contact met hem opnam over het opzetten van een nieuwe Regeringsvoorlichtingsdienst. Nadat zijn rehabilitatie was geregeld, werd Ritman in oktober 1947 aangesteld als onderhoofd van deze dienst. Hij heeft die functie vervuld tot kort na de soevereiniteitsoverdracht, toen hij het hoofdredacteurschap van de Nieuwsgier weer op zich nam.

yzelendoorn.jpgTangerang, november 1946, soldaten Lindenboom en Yzelendoorn.

arrow-l_met_tekst.png